De Donut Bakkerij

Bestaande en Nieuwe Recepten voor een Donuteconomie

'Werkende principes' vanuit de Donut Verkenning

Updated: Jun 27


"Hoe brengen we Amsterdam meer in de veilige ruimte van de Donut en wat is de waarde die de Donut kan hebben voor onze stad?" Met die vraag onder de arm trokken Rieta en ik een jaar geleden de wijken van Amsterdam in. We ondervroegen 80 Amsterdamse initiatiefnemers. Het leverde ons enorm waardevolle gesprekken en connecties op. Bijzonder hoe al deze initiatiefnemers op hun eigen manier invulling geven aan de Donut. Voor ons zijn deze "Donut-minded doeners" de Donut Bakkers die onze stad dichter in de veilige ruimte van de Donut krijgen.


Op basis van de Verkenning hebben we een start gemaakt met een aantal Werkende Principes van Donut initiatieven. Dit kan fungeren als een soort checklist van aanbevelingen/ richtlijnen. We hopen dat het nu al van nut kan zijn voor initiatiefnemers die ook meer in de Donut willen bewegen. We beschouwen dit als een levend document dat aangepast kan worden aan nieuwe inzichten die we met elkaar opdoen.





AANBEVELINGEN / RICHTLIJNEN:

1. Leiderschap en teambuilding

  • Een leider met een visie en integrale blik: ziet en zoekt actief naar verbanden op sociaal en duurzaam vlak

  • Sterk intrinsiek gemotiveerd, die inspireert en enthousiasmeert met focus op (ecologische en sociale) waarden in plaats van winst

  • Een leider die goed kan verbinden en deel is van het geheel (primus inter pares)

  • Een leider die de mens centraal stelt in de dienstverlening, de organisatie en contacten met stakeholders.

2. Organisatie

  • Een (rechts)vorm waarin iedereen kan meedelen in de winst, Bijv. coöperatie, commons.

  • Processen die gericht zijn op co-creatie en co-design

  • Lerend en experimenterende werkwijze (leerling- meester-gezel principe). Falen mag.

  • Zelforganiserend vermogen

  • Inclusief: de organisatie is uitnodigend voor iedereen die wil meedoen en verder wil leren.

3. Financiën

  • Duurzaam verdienmodel. Subsidie kan als opstart, maar daarna doorgroeien naar opdrachtgeverschap (betaald worden voor een geleverde dienst of product).

  • Mogelijkheden voor lokale bewoners om een inkomen te verwerven.

  • Mogelijkheid verkennen tot creëren van gezamenlijk buurtfonds om nog meer goede dingen voor de buurt te kunnen doen.

  • Winst is geen doel op zich, meer een middel om zelfsturend door te kunnen gaan.

  • Een eerlijke vergoeding voor medewerkers en leveranciers.

4. (Lokaal) Ecosysteem

  • Organisatie is ingebed in lokaal ecosysteem: netwerk, wijkeconomie, buurtkapitaal, geef en deeleconomie

  • Erkenning en waardering van sociaal, cultureel, ecologisch en economisch (buurt)kapitaal

  • Aansluiten op dat wat er speelt in een buurt

  • De hulpbronnen/middelen/resources die je hebt en weet te organiseren (aan elkaar weet te koppelen) inzetten voor de buurt.

  • Circulair denken.

  • Samenwerking met burgers, overheid, ondernemers op lokaal niveau.

5. Cultuur

  • Open en nieuwsgierige houding, leven lang leren

  • Elkaar kunnen aanvullen in plaats van overnemen, samen groeien

  • Co-creatie

  • Delen, werken vanuit overvloed

  • Inclusief

6. Impact

  • Meervoudige waardecreatie. Maatschappelijke effecten op zowel ecologisch, sociaal en economisch vlak

  • Impact in de buurt meten (staat voorop)

  • Impact laten zien door verhalen te delen en successen te vieren. Impact niet altijd cijfertjes maar getuigenissen van een beter welzijn voor iedereen.

7. Systeemverandering

  • Meedoen en bijdragen aan initiatieven rondom Democratisering. Commons, initiatieven en burgers meer zeggenschap en eigenaarschap.

  • Overheid aanspreken op haar dienende rol

  • Right to challenge oppakken waar mogelijk

  • Lobbyen voor een grotere rol van de buurt met betrekking tot omgevingsvisie/wet en beleidsplannen, (grond)rechten. Hierin optrekken met anderen.

  • Samenwerken met onderwijsinstellingen om praktijkonderzoek te doen naar nieuwe modellen en methoden voor een donut economie.